Taalachterstand

Taalachterstand

Wat is een vertraagde taalontwikkeling? 

We spreken van een vertraagde spraak- en taalontwikkeling wanneer kinderen nog niet spreken (of veel minder) op een leeftijd waarop je dit normaal al zou mogen verwachten. Het kind verwerft zijn taal in een vertraagd tempo, in vergelijking met een leeftijdsgenootje.

Hoe kan je een vertraagde taalontwikkeling herkennen?

Meestal is het de school die als eerste aan de alarmbel trekt. Aan de hand van een taalscreening op school kunnen zij rond de leeftijd van 5 jaar nagaan of er kinderen zijn die extra taalstimulatie nodig hebben. Deze screening heet de Koalatest.

 

Wanneer blijkt dat er sprake is van een vertraagde spraak- en taalontwikkeling worden deze kinderen vaak doorverwezen naar een logopedist. Dit gebeurt in samenspraak met de zorg- en klasleerkracht, maar vaak ook met het CLB. De logopedist kan door middel van een taaltest vaststellen op welke domeinen er sprake is van een achterstand en de gepaste behandelddoelen opstellen. Daarnaast zal er ook aandacht zijn voor extra tips/begeleiding voor de ouders en de klasleerkracht om de taalontwikkeling te stimuleren.

Kenmerken van een vertraagde taalontwikkeling

Ontwikkeling kind

Een spraak- en taalachterstand herkennen als ouder is vaak niet gemakkelijk. Je begrijpt je kind goed en je kan soms moeilijk inschatten of dit normaal verloopt. Hieronder geven we een aantal kenmerken die kunnen wijzen op een mogelijke spraak- en taalachterstand:


  • Vaak starten kinderen later met hun eerste woordjes.
    --> Bij een normale taalontwikkeling begint het brabbelen vaak al rond 7 à 8 maanden.

  • De taalproductie wordt vaak gekenmerkt door korte zinnen te gebruiken met weinig woorden.

  • Kinderen met een taalachterstand zijn soms moeilijker verstaanbaar voor anderen.

  • Deze kinderen slagen er niet altijd in om te vertellen wat ze willen en dit kan soms voor frustraties zorgen.

 

Men spreekt van een taalachterstand als een kind in vergelijking met een leeftijdsgenoot meer dan 6 maanden vertraging heeft op vlak van taal.

Wat doet een logopedist bij een taalachterstand? 

Wanneer je doorverwezen wordt naar een logopedist zullen wij in de eerste plaats een anamnesegesprek inplannen. Dit is een verkennend gesprek waarbij we specifieke vragen zullen stellen over de algemene ontwikkeling van uw kind.


Nadien zal een taaltest afgenomen worden en zal, indien nodig doorverwezen worden naar andere disciplines. Naast de taaltest is er ook steeds ruimte voor observaties tijdens de taaltest, maar soms gaan we ook in de klas eventjes meevolgen om te kijken hoe uw kind zijn talige vaardigheden gebruikt in de klas. Vaak worden ook observatielijsten meegegeven die door de klasleerkracht en de ouders ingevuld kunnen worden.

 

Op basis van bovenstaande verzamelde gegevens stellen wij een behandelplan op om de taalvaardigheden van uw kind te verbeteren. Afhankelijk van de ernst van de talige moeilijkheden wordt therapie opgestart of worden er tips meegegeven om thuis in extra taalstimulatie te kunnen voorzien.

Wat kan je zelf doen om de taal bij uw kind te stimuleren? 

Hieronder een aantal tips om de spraak- en taalontwikkeling bij uw kind te stimuleren:


  • Veel taal aanbieden en veel praten met uw kind is belangrijk. Dit kan door samen bv. een spelletje te spelen, samen liedjes zingen, versjes leren, samen spelen en knutselen. Geef ook uw kind de ruimte om zelf te praten en laat uw kind beurtnemen.

  • Veel voorlezen kan ook zeker helpen. Probeer dan ook kleine gesprekjes met uw kind te voeren over de inhoud van het boek. Dat stimuleert ook het taaldenken bij uw kind.

  • Wees niet te streng voor uw kind. Maakt uw kind foutjes, verbeter dan niet maar geef het juiste voorbeeld. Bijvoorbeeld: ik heb geel banaan gegeten. Reageer dan met: “heb jij een gele banaan gegeten?’ Dit heeft vaak een positiever effect dan te benoemen dat uw kind een fout heeft gemaakt.

 

Bij de logopedist kan u ook als ouder deelnemen aan de logopedische sessies of werken we zelfs op het niveau van de ouders (ouderbegeleiding).

Wat als de achterstand blijft? 

Voorlezen kind

Als zou blijken, mits extra stimulatie, dat er nog steeds sprake is van een taalachterstand zal er wellicht sprake zijn van een taalontwikkelingsstoornis (TOS).